In mijn ogen probeer je met het fokken een bepaald doel te bereiken, zoals een leuk karakter, betere gezondheid of zelfs een bepaald uiterlijk. Vanuit je fokdoel maak je je keuzes bij het fokken, zoals welke rittens je houdt en wie er een nestje mogen krijgen (en wie niet!). Zonder duidelijk fokdoel wordt fokken niet meer dan vermeerderen en vaak gaat de lijn er dan ook op achteruit, je bent namelijk niet bezig met het verbeteren van de lijn.

Persoonlijk vind ik karakter het belangrijkste, het zijn ten slotte huisdieren en die horen leuk en tam te zijn. Uiteraard staat daarnaast gezondheid voorop, ratten zijn van nature al geen bijster gezonde dieren dus daar valt heel wat winst te behalen. Echter moet je het uiterlijk ook niet uit het oog verliezen: een goede bouw en kennis van variëteiten kan de gezondheid verbeteren.

Karakter

Fokdoel: Tam Karakter
Tamme ratten komen nieuwsgierig op je af

In mijn ogen is dit het belangrijkste doel van een fokker, want de gezondheid kan nog zo goed zijn en het uiterlijk zo mooi: het is allemaal vrij nutteloos als het geen leuke huisdieren zijn.

Dat tamme ratten tam en mensgericht horen te zijn vind ik een logisch gegeven. Dit is niet alleen een kwestie van goed socialiseren (veel in de hand nemen en dergelijke), maar zeker ook goede ouderdieren selecteren. Eigenlijk worden mijn rittens min of meer tam geboren, ze zijn van zichzelf al aardig relaxt en nieuwsgierig waardoor ze snel toenadering zoeken. Daarnaast leren ze van het nest uit van hun moeder dat mensen leuk zijn!

Natuurlijk zit er ook wel eens een minder dapper ritten tussen en niet alle ratten houden van continue aandacht en kijken liever van een afstandje toe, dit is geen probleem. Angst en bijten is echter onacceptabel, gelukkig komt dit in mijn lijnen amper voor en als ik niet tevreden ben over het karakter werk ik daar aan.

Persoonlijk heb ik een voorkeur voor ratten die bijzonder mensgericht zijn en gelijk naar het deurtje komen wanneer je bij de kooi staat en het liefst bij je komen zitten. Liefst nog zie ik ratten die graag geaaid worden en op de schouder blijven zitten. Niets is heerlijker dan een boel ratten die in de tralies hangen omdat ze je aandacht willen en na het openen van de deur direct in je nek kruipen om daar lekker te gaan soezen en je te poetsen. Naar mijn mening dan. 😉

Naast sociaal naar mensen moeten ratten natuulijk ook goed met soortgenoten om kunnen gaan. Het zijn ten slotte groepsdieren en ontspannen met soortgenoten om kunnen gaan is erg belangrijk voor hun levensgeluk. Ruzie in de kooi kan eens gebeuren, maar ratten die continue lopen te etteren en buitensporig dominant gedrag vertonen zijn niet geschikt om mee te fokken.

Gezondheid

Uiteraard wil je als goede fokker gezonde dieren op de wereld zetten. Ratten leven over het algemeen al niet erg lang en kunnen gevoelig zijn voor allerlei kwaaltjes, dus dit wil je graag verbeteren. Gezondheid is helaas wel een van de moeilijkste dingen om te verbeteren, het heeft namelijk tijd nodig om achter de gezondheid van een nest te komen. Bovendien is er weinig concreet bekend over het erfelijke aspect van veel kwalen.

Een hogere levensverwachting is natuurlijk het mooiste, maar dit is sterk afhankelijk van de gevoeligheid voor verschillende ziektes. Er is veel om in de gaten te houden zoals luchtweginfecties, abcessen, hartkwalen, en natuurlijk gevoeligheid voor verschillende soorten tumoren. Er zijn veel verschillende type tumoren met andere eigenschappen zoals melkklier, hypofyse, Zymbal’s Gland, melanomen, etc. De eerste bijvoorbeeld, melkliertumoren, komen meer voor bij vrouwelijke ratten en zijn gelukkig goed operatief te verwijderen en verder te voorkomen door middel van een castratie (verwijdering van de eierstokken). Zymbal’s Gland tumoren daarentegen is weinig over bekend, behalve dat ze het de achterliggende oorzaak van een kaakabces kan zijn en niet te opereren is. Melanomen kunnen akelig zijn maar zijn dan meestal weer niet erfelijk, maar als je het niet bijhoud in een lijn kun je het niet weten.

Dit maakt selecteren op gezondheid dus erg lastig en ik zal daarom ook zeker niet beweren dat mijn nesten vrij zijn van problemen. Een fokker die dat wel beweerd is niet aan het opletten of gewoon niet eerlijk. Wel streef ik er naar de gezondheid in de gaten te houden en waar mogelijk te verbeteren.

Bouw

Nauw verwant aan gezondheid maar ook een esthetisch aspect is de bouw.  Slecht gebouwde ratten zijn vaak minder gezond en kunnen zelfs ernstige problemen krijgen. Kleine afwijkingen kunnen voor grote problemen zorgen als je er geen rekening mee houdt en het per generatie erger laat worden. Kijk bijvoorbeeld naar de extreem afwijkend gebouwde hondenrassen, vaak gaan deze eigenschappen gepaard met gezondheidsproblemen.

Daarom vind ik het ook belangrijk om te selecteren op een zo’n gezond mogelijke bouw. Hierbij neem ik de wilde rat als voorbeeld en zie ik niet graag extreme eigenschappen. De kleur die ik fok (Russisch blauw, zie hieronder) heeft bijvoorbeeld wel eens de neiging een wat afgeplat hoofd te hebben, dit probeer ik te verbeteren om te voorkomen dat dit extreem wordt en problemen veroorzaakt.

Indien mogelijk laat ik mijn fokratten ook meedoen aan een keuring om het oordeel van een keurmeester te horen. Om diezelfde reden help ik wel eens mee met keuring, bijvoorbeeld door te schrijven of aan te dragen voor een keurmeester. Op die manier leer ik meer over het beoordelen van de bouw.

Variëteit

Tot slot komt dan ook de variëteit nog, want ook uiterlijk speelt een rol. Natuurlijk gaan bovenstaande aspecten voor op het uiterlijk, maar ik probeer wel binnen dezelfde kleurslag te fokken. Dit heeft meerdere redenen.

Er zijn aanwijzingen dat het nadelig is voor de gezondheid als een dier meerdere kleurmutaties heeft, waarschijnlijk omdat een genetische verandering van de pigmentopbouw ook op andere processen invloed heeft. Een heel duidelijk en concreet voorbeeld is het gegeven dat argente en beige ratten vaak bloedstollingsproblemen hebben, iets wat waarschijnlijk onlosmakelijk verbonden is aan de kleurmutatie.

Werken met de nadelen van 1 of 2 kleurmutaties is nog te doen, door selectie kun je de nadelige effecten vaak wel terugdringen. Ga je echter meerdere verschillende kleurmutaties combineren dan wordt het al een stuk lastiger, de problemen kunnen elkaar versterken of gewoon veel verschillende problemen geven. Hoe dan ook gaat de algehele robuustheid van de rat er op achteruit, niet goed dus.

Waar ik me voornamelijk op richt zijn de blauwtinten, waarvan bij tamme ratten twee mutaties bestaan: Russisch blauw en Engels/Amerikaans blauw. Beide vind ik erg mooi, maar omdat Amerikaans blauw wat minder robuust is focus ik me voornamelijk op Russisch blauw. Gecombineerd met mink geeft dit een duifgrijze kleur, erg charmant om te zien en bovendien ook erg stabiel en robuust. Beide kleuren fok ik op egale (zwart) basis en in wildkleur-vorm, dit is namelijk heel goed te combineren en logischerwijs is wildkleur ook weer net wat robuuster en vaak beter op bouw te fokken.

Behalve kleur kunnen ratten ook een witte tekening in de vacht hebben, zoals een vlek op de buik of ook op de rug. Met name bonte tekeningen worden fraai gevonden, maar dit zijn ook meteen de meest riskante tekeningen. Zelf vind ik de Japanner tekening erg mooi en deze is ook makkelijk om zonder problemen te fokken, mits je een ‘perfecte’ tekening niet zo belangrijk vindt. Gelukkig ben ik juist dol op variatie in de tekeningen en daarbij komt dat ratten die “half effen, half Japanner” zijn een vlek op de buik hebben (berken-tekening), leuke variatie dus zonder dat de gezondheid er op in moet leveren.

Zo kom ik met een beperkt aantal mutaties/genen op toch een aardige variatie qua uiterlijk in dezelfde kleurslag. Verder probeer ik het bij gladhaar en gewoonoor te houden en niet te veel andere kleuren aan de lijn toe te voegen, al kan het natuurlijk altijd gebeuren dat er een variëteit een aantal generaties gedragen wordt en weer tevoorschijn komt.

Er wordt uiteraard níet met naakt/fuzz, dubbelrex of staartloos/manx gefokt. Achter een van de lijnen waar ik mee fok zit langhaar, hier probeer ik van weg te fokken en er wordt dus ook niet met langhaar gefokt.